Zijn aangezicht Dat is, Zijn majesteit en heerlijkheid, om deze deelachtig te zijn; gelijk van de engelen gezegd wordt, Mat 18:10 , en van alle gelukzaligen in den hemel; Mat 5:8 ; 1Jo 3:2 .
Zijn Naam zal Namelijk als hem toebehorende en eigen zijnde en daarvan openlijk belijdenis doende; gelijk ook de hogepriester in het Oude Testament op zijn voorhoofd een gouden plaat droeg, waarop geschreven was: de heiligheid des Heeren. Zie hiervan nadere verklaring Rev 3:12 , en Rev 14:1 .
Zijn aangezicht Dat is, Zijn majesteit en heerlijkheid, om deze deelachtig te zijn; gelijk van de engelen gezegd wordt, Mat 18:10 , en van alle gelukzaligen in den hemel; Mat 5:8 ; 1Jo 3:2 .
Zijn Naam zal Namelijk als hem toebehorende en eigen zijnde en daarvan openlijk belijdenis doende; gelijk ook de hogepriester in het Oude Testament op zijn voorhoofd een gouden plaat droeg, waarop geschreven was: de heiligheid des Heeren. Zie hiervan nadere verklaring Rev 3:12 , en Rev 14:1 .