1De spreuken van Salomo. Een wijs zoon verblijdt den vader; maar een zot zoon is zijner moeder droefheid.💬
2Schatten der goddeloosheid doen geen nut; maar de gerechtigheid redt van den dood.💬
3De HEERE laat de ziel des rechtvaardigen niet hongeren; maar de have der goddelozen stoot Hij weg.
4Die met een bedriegelijke hand werkt, wordt arm; maar de hand der vlijtigen maakt rijk.💬
5Die in den zomer vergadert, is een verstandig zoon; maar die in den oogst vast slaapt, is een zoon die beschaamd maakt.💬
6Zegeningen zijn op het hoofd des rechtvaardigen; maar het geweld bedekt den mond der goddelozen.💬
7De gedachtenis des rechtvaardigen zal tot zegening zijn; maar de naam der goddelozen zal verrotten.💬
8Die wijs van hart is, neemt de geboden aan; maar die dwaas is van lippen, zal omgeworpen worden.💬
9Die in oprechtheid wandelt, wandelt zeker; maar die zijn wegen verkeert, zal bekend worden.💬
10Die met het oog wenkt, richt smart aan; en een dwaas van lippen zal omgeworpen worden.💬
11De mond des rechtvaardigen is een springader des levens; maar het geweld bedekt den mond der goddelozen.💬
12Haat verwekt krakelen; maar de liefde dekt alle overtredingen toe.💬
13In de lippen des verstandigen wordt wijsheid gevonden; maar op den rug des verstandelozen de roede.💬
14De wijzen leggen wetenschap weg; maar den mond des dwazen is de verstoring nabij.💬
15Des rijken goed is een stad zijner sterkte; de armoede der geringen is hun verstoring.💬
16Het werk des rechtvaardigen is ten leven; de inkomst des goddelozen is ter zonde.💬
17Het pad tot het leven is desgenen die de tucht bewaart; maar die de bestraffing verlaat, doet dwalen.💬
18Die den haat bedekt, is van valse lippen, en die een kwaad gerucht voortbrengt, is een zot.💬
19In de veelheid der woorden ontbreekt de overtreding niet; maar die zijn lippen wederhoudt, is kloek verstandig.💬
20De tong des rechtvaardigen is uitgelezen zilver; het hart der goddelozen is weinig waard.💬
21De lippen des rechtvaardigen voeden er velen; maar de dwazen sterven door gebrek van verstand.
22De zegen des HEEREN, die maakt rijk; en Hij voegt er geen smart bij.💬
23Het is voor den zot als spel, schandelijkheid te doen; maar voor een man van verstand, wijsheid te plegen.💬
24De vreze des goddelozen, die zal hem overkomen; maar de begeerte der rechtvaardigen zal God geven.💬
25Gelijk een wervelwind voorbijgaat, alzo is de goddeloze niet meer; maar de rechtvaardige is een eeuwige grondvest.
26Gelijk edik den tanden, en gelijk rook den ogen is zo is de luie dengenen, die hem uitzenden.💬
27De vreze des HEEREN vermeerdert de dagen; maar de jaren der goddelozen worden verkort.💬
28De hoop der rechtvaardigen is blijdschap; maar de verwachting der goddelozen zal vergaan.
29De weg des HEEREN is voor den oprechte sterkte; maar voor de werkers der ongerechtigheid verstoring.💬
30De rechtvaardige zal in eeuwigheid niet bewogen worden; maar de goddelozen zullen de aarde niet bewonen.
31De mond des rechtvaardigen brengt overvloediglijk wijsheid voort; maar de tong der verkeerdheden zal uitgeroeid worden.💬
32De lippen des rechtvaardigen weten wat welgevallig is; maar de mond der goddelozen enkel verkeerdheid.